Vanaf 2026 wordt een nieuwe conversiefactor toegepast om het kiemgetal in tankmelk van geitenmelk te bepalen. Daardoor kunnen kiemgetalwaarden in geitenmelk stijgen.
Het kiemgetal wordt bepaald door Qlip, die daarbij gebruik maakt van de BactoScan. Met dit instrument wordt melk opgezogen, en middels een vloeistof wordt het DNA van bacteriën in de melk gekleurd. Vervolgens worden alle bacteriën geteld. Daaruit rolt een waarde die middels de conversiefactor wordt omgerekend naar het aantal kiemvormende eenheden per milliliter melk (kve/ml).
Kiemgetal hoger bepaald
De huidige conversiefactor is gebaseerd op tankmelk uit 2013. In opdracht van NGZO heeft Qlip volgens internationale standaarden een nieuwe conversiefactor gemaakt. De nieuwe conversiefactor is gebaseerd op een groot aantal tankmelkmonsters van de periode 2024 en 2025. Volgens Arjan Bom van Qlip is de conversiefactor onder andere afhankelijk van de melksamenstelling en melkproductiefactoren in de geitenhouderij, en ziet de nieuwe er om die reden anders uit dan de tot nu toe gebruikte factor uit 2013. “Het leidt er toe dat het kiemgetal hoger wordt bepaald. Met name een kiemgetal dat op basis van de huidige conversie hoog zit, zal met de nieuwe conversiefactor harder stijgen dan de lage kiemgetallen.”
Zuivelondernemingen aan zet
Zuivelondernemingen zijn verantwoordelijk om de impact van de nieuwe conversiefactor mee te nemen in de kwaliteitsstelsel voor 2026. Vanaf 2026 zal Qlip jaarlijks resultaten van een afgesloten jaar toevoegen aan de conversie, zodat vanaf 2029 gewerkt zal worden met een rollende conversie gebaseerd op 5 jaar.







