Fokkerij | Interview | Magazine | Premium

‘Met sterke strategie genetische vooruitgang brengen’

Sinds februari heeft de geitensector er een ki-organisatie bij: Goat Improvement Company (GIC). Het ultieme streven van GIC is om geiten wereldwijd nog beter te maken. Geitenhouderij sprak met Dirk-Jan van Horssen, een van de gemotiveerde oprichters.

Bij de hoofdfoto: Dirk-Jan van Horssen (rechts) van Goat Improvement Company werkt in Nederland en België samen met Geiterij. Links staat Marcel van Bijsterveldt van Geiterij. Foto: Carlijn Leijssen

Dirk-Jan van Horssen en Jehan Ettema zetten samen GIC op. Ettema woont in Denemarken en promoveerde in 2009 aan de Universiteit van Kopenhagen. Daarna richtte hij SimHerd op, een economisch simulatiemodel voor melkveehouders. Van Horssen haalde in 2017 zijn diploma Veehouderij en werkte als manager voor meerdere varkens-ki-stations in Noord-Nederland. In 2016 legden Ettema en Van Horssen hun ideeën voor een geiten-ki-organisatie naast elkaar. Zo kwam van Horssens geestdrift voor genetica en fokkerij samen met Ettema’s passie voor economie en data-analyseren. In de afgelopen vier jaar hebben zij met name gewerkt aan het opbouwen van een internationaal netwerk. Met een eigen fokvisie en de samenwerking met een groep gemotiveerde geitenhouders willen ze hoogwaardige geitengenetica voor geitenhouders wereldwijd beschikbaar maken.

Nederland heeft al Geiten Ki Nederland (GKN). Waarom zien jullie ruimte voor een tweede ki-organisatie?

Dirk-Jan van Horssen: “Door het verbod op uitbreiden komt er meer nadruk te liggen op de kwaliteit van de genetica. Met ons aanbod brengen we nieuwe genetica van hoge kwaliteit en met een hoge gezondheidsstatus naar Nederland. Internationaal gezien zoeken we de breedte in geitengenetica en zo kunnen we nieuw bloed halen. Wij denken dat er een strategische aanpak moet komen voor geitenhouders. Daarom hebben wij een eigen fokdoel geformuleerd – wat zich naast productie richt op efficiëntie, gezondheid en levensduur – en zetten we middels het nucleusprogramma een sterke strategie op. Niet alleen in Nederland, maar internationaal; we willen voor elke geitenhouder de juiste partner zijn in fokkerij.”

Hoe gaan jullie te werk?

“Middels het nucleusprogramma testen we de foktechnische prestaties van genetica op verschillende type bedrijven en in verschillende landen. Zo komen we erachter waar de kwaliteiten van een bok liggen in zijn vererving. Bovendien verhoogt breed testen de betrouwbaarheid van de data. Hoe de nakomelingen van de topbokken het binnen dit programma doen, bepaalt uiteindelijk of we verdergaan met de lijn. Binnen het nucleusprogramma is de variatie in bedrijven groot. Niet alleen om de genetica breed te testen, maar ook omdat wij geloven dat er in Nederland en België veel meer goede geiten zijn dan we nu weten. Door breed in de markt genetica te selecteren, hopen we deze nog onbekende toppers te vinden. De kern van dit nucleusprogramma zijn geitenhouders uit Nederland, België, Canada, Portugal, Griekenland, Frankrijk en Amerika. Op deze bedrijven selecteren we de bokken die we beschikbaar stellen op onze ki voor elke geitenhouder die daar maar interesse in heeft. Zij kunnen de genetica ‘los’ kopen, maar wij kunnen ze ook ondersteunen met het structureel verbeteren van de fokkerij op hun bedrijf. Dan maken we een genetisch plan, met fokdoelen van de geitenhouder en hoe we dit gaan bewerkstelligen. Als de geitenhouder dat wil, kunnen wij het plan ten uitvoer brengen en hem daarin geheel ontzorgen.”

Hoe wordt bepaald welke bokken in het nucleusprogramma komen?

“GIC heeft zelf een fokdoel dat balance breeding als basis heeft. Dat houdt in dat we naast productie ook gaan selecteren op exterieur en gezondheid. De combinatie van een functioneel exterieur en goede gezondheid zijn de randvoorwaarden voor een lang en productief leven van een geit. Daarnaast selecteren we sterk op families. Een geit kan zelf fantastisch produceren, maar als haar familieleden dit niet doen, is de kans kleiner dat ze haar productiekwaliteiten doorgeeft. Als een bok op deze onderdelen hoog genoeg scoort, komt hij in ons nucleusprogramma. Hierbij durven we ook gerust een bok te selecteren die op bepaalde onderdelen laag scoort, als hij dat op een ander onderdeel compenseert. We willen minimaal 10.000 dieren in de internationale nucleuspool hebben. In Nederland en België gaan we met maximaal vijftien melkgeitenbedrijven samenwerken. De gegevens van de bokken in het nucleusprogramma zullen we steeds verder specificeren. Dat zorgt voor veel informatie, waardoor de geitenhouder steeds beter de best passende genetica voor zijn bedrijf kan selecteren.”

Geitenhouders overal ter wereld komen vaak in Nederland goede dieren halen. Kan buitenlandse genetica het niveau hier wel nog verder omhoog brengen?

“Het introduceren van nieuw bloed in een populatie is altijd goed. Er treedt heterosis op als je onverwante lijnen van hetzelfde ras met elkaar kruist. Dat doen we in ons programma. Van elk bedrijf waarmee we samenwerken, in welk land dan ook, weten wij exact de basis qua genetica en gezondheidsstatus. Canada bijvoorbeeld is niet vrij van CAE en CL. Wij werken daar samen met Grashill Farm, een van de weinige bedrijven die een hoge gezondheidsstatus heeft. We halen Canadees sperma alleen van dat bedrijf. Door te testen en monitoren weten we zeker dat het goed zit met de gezondheidsstatus, en kunnen we onze klanten daarover zekerheid bieden.”

Jullie werken hard aan de plannen. Wanneer zien we wat ze de sector brengen?

“Fokkerij is een kwestie van een lange adem. GIC wil voor de lange termijn een positieve bijdrage leveren aan de sector. De basis hiervoor staat nu bijna. In april en mei van dit jaar willen we de eerste geiten op de nucleusbedrijven insemineren met sperma van Grasshill Farm, een bedrijf dat al jaren tot de topfokkers van Saanengeiten in de wereld behoort. Een jaar later zien we de eerste prestaties hiervan en kunnen we de bokjes met de hoogste verwachtingswaarde selecteren voor ki. Over vijf jaar kunnen we een goede eerste analyse maken van de vooruitgang die we hebben geboekt.”

Samen met Geiterij

In Nederland en België werkt GIC samen met Geiterij, leverancier van producten en advies voor alles rondom geiten. Marcel van Bijsterveldt van Geiterij: “Wij gaan voor GIC sperma aanbieden in Nederland en België, en een stuk van de begeleiding op ons nemen.” Geiterij ziet veel kansen voor GIC. Bijsterveldt verwijst naar de rundveefokkerij. “Daar is heel veel data van een stier bekend, en staat een duidelijk fokprogramma. Iets dergelijks zou GIC voor de geitensector op poten kunnen zetten.”

Grasshill Champ’s Diana (AV 88) produceerde in 305 dagen 3.688 kg melk (12,1 kg / dag), haar levensproductie tot nu toe is 18.030 kg melk. Foto: Barbara Wicks

Het hart van GIC

De geitenhouders van de nucleusbedrijven vormen het hart van het GIC team. Op dit moment bestaat de groep in Nederland en België uit de volgende bedrijven: Renaat Devreese, Walte en Willeke Veldman, Mattijn en Anita Papen, Harm en Ankie van der Veen, Lauran den Hertog, Ronald Paardekooper en Lydia van Beek, familie Herpens, Martin en Jan Walhout, familie Nooteboom, Peter Vogel en Niels van Middelkoop.

Je hebt zojuist een Premium artikel gelezen.
Het aantal premium artikelen dat je kunt lezen is beperkt. Wil je meer Premium lezen? Maak dan een gratis profiel aan.
Dit artikel komt uit vakblad Geitenhouderij. Lees meer uit deze uitgave
Dit Premium artikel krijg je cadeau. Onbeperkt lezen? Nu proberen
Over de auteur: Wilma Wolters
Wilma groeide op tussen koeien en paarden, en vond dat geweldig. Ze volgde de Hogere Agrarische School in Dronten, studeerde nog 2 jaar aan de...
Deel dit bericht: Facebook Twitter LinkedIn

Melkprijzen

NieuwsbriefGeitenmelkprijsvergelijking uitgevoerd door AgriMedia bv.
Bekijk de melkprijzen

Nieuwsbrief Geitenhouderij

Nieuwsbrief

Geitenhouderij archief

Blader in de archieven